Wandeling naar le Château de Rochebonne

Gisterochtend en ook vanmorgen, werden we wakker met een wit laagje op de daken en op het gras. De eerste voorzichtige nachtvorst hebben we alweer te pakken. De planten in de potten hebben er gelukkig nog geen last van gehad en voor de komende dagen zien de nachttemperaturen er alweer wat beter uit dus nog even geen gesjouw van potten naar binnen en weer naar buiten.

Voor gisteren was er een lekker zonnetje voorspeld dus een mooie wandeling was snel gevonden. We zijn via het dorp Saint Jean Roure naar le Château de Rochebonne gewandeld, of in ieder geval naar de overblijfselen van dit kasteel. Van verre zie je het kasteel al liggen op een hoogte van zo’n 850 meter, bovenop de punt van een woeste berg. Die kasteelheren van vroeger wisten wel een strategische plek te kiezen, hoor! Om als vijand ongezien dat kasteel te benaderen, was volgens mij een bijna onmogelijke opgave.

Het kasteel is waarschijnlijk gebouwd in de 11e eeuw, in de loop der jaren door diverse godsdienstoorlogen beschadigd en uiteindelijk eind 1700 tot ruïne verklaard. In 1980 is de vereniging ‘Les Amis de Rochebonne’ opgericht die tot doel heeft om zoveel mogelijk stukken van het oorspronkelijke kasteel te herbouwen. De kleinere klussen doen de leden van de vereniging zelf, het zware werk wordt uitgevoerd door gespecialiseerde bouwbedrijven. We hebben afgelopen jaren al diverse keren het kasteel bezocht en het is mooi om te zien hoe iedere keer weer een stukje ervan gerestaureerd wordt door enthousiaste mensen met veel liefde voor hun cultureel erfgoed. Via dit linkje kun je op Youtube een aardig filmpje uit 2018 bekijken over een stukje restauratie van Château de Rochebonne.

Een soortgelijke toewijding zagen we trouwens ook bij vrijwilligers die bezig waren met het restaureren van Château de la Chèze bij le Cheylard, een kasteel waar we een paar jaar geleden een rondleiding hebben gehad.

 

Kastanjetijd

De netten onder de kastanjebomen liggen alweer klaar. In sommige ervan liggen al wat kastanjebolsters maar het echte vallen moet nog op gang komen. Nog even en dan kan er weer volop geraapt worden. Ik ben benieuwd of het een goed kastanjejaar gaat worden. Het is hier de afgelopen jaren erg droog geweest en volgens onze benedenbuurman is dat een slechte zaak voor de kastanjeboomgaarden. Hij heeft een bosperceel waar kastanjebomen staan maar vraagt zich af of hij in de toekomst misschien niet beter palmbomen hier kan gaan planten!

Weekendje weg

Afgelopen weekend zijn we naar de Corrèze geweest. Zoals ik al wel eens eerder heb verteld, wonen mijn zus en zwager daar. Niet al te ver weg voor ons en nog steeds een mooie route om naartoe te rijden. Het weer was nu niet echt om over naar huis te schrijven; het hele weekend hadden we regen. Maar als je naar de beelden kijkt van de ravage in de omgeving van Nice, veroorzaakt door de ongekend zware en langdurige regenval en waarbij zelfs doden zijn gevallen, dan halen we het niet in ons hoofd om te klagen over ons verregende weekend! Daarnaast is een familiebezoek altijd gezellig; regen of geen regen. Onderweg in de Cantal, zo’n beetje halverwege de Corrèze en de Ardèche, reden we door een wat verlaten aandoend dorpje. Het gesloten café-restaurant dat vast wel betere tijden gekend moet hebben en het huis, gebouwd in die donkere streekgebonden stenen dat daar vlakbij te koop staat, passen qua sfeer heel goed bij het sombere weer.
Weer terug op onze berg, blijkt het heftige herfstweer hier wel te zijn meegevallen. Geen overstromingen, geen afgebroken takken op de weg en alle dakpannen liggen nog stevig vast op het dak. Het gras heeft in ieder geval genoten van al die regen; het begint zowaar weer wat groener te kleuren!

De wacht houden

“We houden jullie in de gaten, dus waag het niet om bij onze schapen in de buurt te komen”, lijken deze twee honden te zeggen. Een eindje voorbij onze berg is een groot stuk weiland afgezet waarachter een flinke hoeveelheid schapen staat te grazen. De afrastering zal wel niet voldoende zijn om deze schapen veilig hun gang te laten gaan, dus de schapenboer heeft twee grote honden erbij gezet om alles en iedereen goed in de gaten te houden en de schapen te beschermen. In eerste instantie dacht ik dat het hier om Pyreneese Berghonden ging, de zogenaamde Patous of Pastous maar als ik nog iets beter kijk, begin ik wat te twijfelen. Ze zien er toch iets anders uit. Zou het misschien een Turks hondenras kunnen zijn, de Kangal? Ik heb namelijk gelezen dat er steeds meer boeren in o.a. de Drôme hun schapen door de Kangal laten beschermen. Dit hondenras schijnt daarin nog wat fanatieker te zijn dan een Patou. De eerstvolgende keer dat we de eigenaar zien, zullen we het hem eens vragen.

Toen we op vakantie waren in de Alpen, kwamen we tijdens wandelingen trouwens vaak bordjes tegen waarop we werden gewaarschuwd dat we in de buurt waren van een kudde grazende schapen met daarbij een waakzame Patou. Op deze bordjes stond aangegeven wat de argeloze wandelaar wel en niet moet doen als die oog in oog komt te staan met zo’n grote schapenbeschermer. Ga niet roepen of schreeuwen, probeer de hond niet weg te jagen, ga niets gooien en bedreig hem niet met een stok. Wandel terug of blijf een tijdje stilstaan zodat de hond begrijpt dat je geen kwaad in de zin hebt en wandel daarna met een grote boog om de kudde heen. Reken maar dat we dat ook allemaal hebben opgevolgd, hoor! Wat dat betreft zie ik liever deze twee schapenbeschermers, die hier rustig achter de omheining liggen!

Note: Toen we de schapenboer onlangs bij z’n schapen aan het werk zagen, hebben we hem gevraagd naar het ras van de honden. Het blijken toch Patous te zijn maar nog jonge exemplaren.

Het dak op

Het bleef gisteren de hele dag onder de tien graden dus daar op dat dak staan met die blote benen is eigenlijk wel een hele moedige daad! Voordat we de houtkachel weer gaan opstoken, moet de schoorsteen worden geveegd. De temperatuur binnenshuis valt nog wel mee maar voor alle zekerheid staat de houtmand gevuld en wel al klaar. Eens kijken wanneer we daar een aanval op gaan doen.

Als ik zo naar de foto kijk, lijkt het net of we in een laag minihuisje wonen maar dat zal vast te maken hebben met de hoge plek van waaraf ik de foto heb genomen! Ach, je ziet zo in ieder geval wel een mooie wolkenlucht!

Herfst

Deze week zouden we eigenlijk aan de wandel zijn geweest in Georgië. Zoals het zo mooi stond aangegeven in onze reisgids: ‘wandelen op de flanken van de Kaukasus’. Onze nieuwe wandelstokken waar we mee aan het ‘worstelen’ waren in de Alpen eerder dit jaar, hadden we speciaal met het oog op deze wandelvakantie in Georgië gekocht. Maar ja, toen kwam Corona en werd de hele boel afgeblazen. Ach, uiteindelijk vinden we het niet eens zo erg dat de reis gecanceld is. Corona is er nog steeds en het aantal besmettingen neemt op dit moment helaas alleen maar toe in plaats van af en waarom zou je dan ‘gekke’ dingen gaan doen. In een vliegtuig stappen hoeft voorlopig voor ons niet meer zo nodig en uiteindelijk zijn er meer dan genoeg mooie wandelgebieden te vinden in Frankrijk zelf. Het is op dit moment alleen even puzzelen welke stukken van Frankrijk we wèl en welke we beter niet kunnen bezoeken. We houden de Coronakaart met alle rode, oranje en groene kleuren goed in de gaten.

Begin deze week hebben we een wandelrondje gedaan in de directe omgeving, helemaal ‘Coronaproof’: we kwamen namelijk niemand tegen!

Tijdens onze wandeling is al goed te zien dat we richting een ander jaargetijde gaan. De varens aan de kant van de weg verkleuren van frisgroen naar roestbruin. Veel bomen verliezen al hun blad en de bladeren die nog wel in de bomen hangen, zijn al flink aan het verkleuren. Ik heb het idee dat het dit jaar allemaal wat eerder is dan andere jaren. Wellicht mede door de lange droge zomer, met amper een regenspatje.

Altijd een mooi gezicht zo, zwammen die een plekje hebben veroverd in een boom. Of die boom het nu zo leuk vindt, betwijfel ik. Dood is hij weliswaar nog niet maar om nu te spreken van een boom die er blakend van gezondheid uitziet, gaat me ook wat te ver!

Een wilde rozenstruik aan de kant van de weg, vol met oranjerode rozenbottels. Ze schijnen boordevol vitamine C te zitten. De volgende keer zullen we een zak meenemen en de bottels verzamelen om er dan thuis mee aan de slag te gaan. Bottels wassen, van de steeltjes ontdoen, kroontjes eruit peuteren, de bottels doormidden snijden, alle zaadjes en het pluizige vruchtvlees eruit schrapen, de boel koken en dan jam, chutney of siroop ervan maken. Of…… wat minder gezond natuurlijk maar wel heel mooi en véél minder werk: wat takken van de struik knippen en gewoon in een vaas zetten!

Een moestuin met nog wat groente, her en der verspreid. 

En natuurlijk met heel veel dahlia’s.

Zijn dit nu mislukte courgettes, zo half groen en half geel? Of zijn ze nog niet ‘uitgekleurd’ of gaat het hier misschien om een apart ras? Mooi zijn ze in ieder geval wel.

Pompoenen

Overal zie je weer van die mooie oranje pompoenen in de moestuinen.

De forse pompoen op bovenstaande foto stelt natuurlijk helemaal niets voor als je die zou willen vergelijken met die van een Belgische pompoenteler die ooit een pompoen gekweekt schijnt te hebben van wel bijna 1200 kilo! Wat je nu toch in vredesnaam met zo’n kolos moet doen, is me een raadsel en of die lekker zal smaken, waag ik te betwijfelen maar daar zal het ook wel niet om te doen zijn geweest.De eigenaresse van deze pompoenen zal zich daar trouwens vast niet druk om maken. Ze is al een dametje op leeftijd maar nog zo kwiek en fit als wat. Regelmatig zie je haar in de moestuin werken. Nu ja, je ziet alleen maar haar rug of beter gezegd, haar rug gehuld in een bloemetjes schortjas; haar hoofd zit meest van tijd ergens laag op de grond tussen de planten verstopt. We maken wel eens een praatje met haar en Ernest heeft haar zelfs ook bijna een keer in z’n armen gehad! Een tijdje terug heeft ze van haar zoon een elektrische fiets gekregen. Tijdens een van haar eerste tochtjes kon ze de fiets toch nog niet helemaal goed bemannen en voordat de fiets helemaal stil stond lag ze er bijna naast. Precies op tijd kon Ernest gelukkig het stuur grijpen en haar opvangen. Een gevallen vrouw moeten we hier natuurlijk niet hebben!

Luiken lakken

Het is weer tijd voor groot onderhoud aan de buitenboel dus we gaan ‘lùikuh lakkuh’! De kastanjehouten luiken en kozijnen hebben weer een flinke opknapbeurt nodig. Die zon hier op onze berg is heerlijk maar voor het houtwerk is het ‘killing’. Met name aan de zuid- en westkant van het huis. Je hoort bij wijze van spreken het hout luid kreunen, iedere keer als de zon weer genadeloos erop schijnt. Niet getreurd; we verzamelen een flinke dosis moed, halen diep adem en we gaan de klus te lijf. Schuren, beitsen, schuren, beitsen en de volgende dag opnieuw.

We hebben nog geprobeerd om de luiken van het keukenraam af te halen maar ze zaten te vast. Nu ja, dan maar de ladder op. De luiken op de onderstaande foto konden er wel makkelijk af. Die staan nu beneden op het terras op me te wachten want de hele tijd op dat schuine dak staan, vinden m’n voeten op een gegeven moment niet leuk meer. Als je zo naar de ‘ontluikte’ ramen kijkt is het maar een kale boel. Het lijkt dan op een of andere manier een beetje een bloot huis.

Nu staat alles te drogen en hebben we een biertje verdiend. Morgen is het weer een nieuwe dag.

Net echt

Gisteren moesten we even naar de grote ‘kluswinkel’ in Valence en op de weg ernaartoe reden we door het plaatsje Guilherand-Granges. Net voordat je de brug over de Rhône pakt, kom je langs een paar appartementengebouwen waar een ware kunstenaar zich heeft uitgeleefd op de zijgevels van de panden.

Op de website van Guilherand-Granges lees ik dat het stadsbestuur, in het kader van de herstructurering en verfraaiing van de Avenue de la Répulique, het schilderscollectief ‘Haut-les-Murs’ heeft ingehuurd om de gevels van deze wat gedateerde woonappartementen te voorzien van een mooie ‘trompe-l’oeil’. Een met naturalistische precisie geschilderde voorstelling die bedoeld is om de toeschouwer te bedriegen door een illusie van de werkelijkheid op de muur op te wekken. Zo wordt een trompe-l’oeil aangeduid. En inderdaad, de afbeeldingen lijken bedrieglijk echt!

Hieronder zie je allebei de panden nog een keer wat uitvergroot.

Ik zou zo de deur inlopen van het restaurant ‘les Mariniers’!

Het lijkt toch of er echt een paar balkonnetjes aan die gevel hangen!

Voor de aardigheid laat ik ook nog even plaatjes zien van hoe de gevels er eerst uitzagen. (foto’s website Guilherand-Granges)

Dit was de gevel van ‘les Mariniers’.

En zo zag de gevel eruit van het appartement met de balkonnetjes.

Ik weet wel welke gevels ik mooier vind!