Afgelopen zondag hebben we korte metten gemaakt met de kille dagen van de laatste tijd. Vorige week hadden we zelfs een paar avonden waarop we bijna de houtkachel hadden aangedaan! Voor de komende tijd geeft ‘le météo’ alleen maar mooi weer op dus eindelijk gaat onze zomer beginnen! Wat een verschil met vorig jaar toen we hier zo’n hete en droge zomer hadden. Alles was toen omstreeks deze tijd zo dor als ik weet niet wat en als je nu om je heen kijkt, doet al het groen hier bijna pijn aan je ogen. Dan begrijp je ook weer waarom men dit stuk l’Ardèche Verte noemt; de groene Ardèche.

Een zonnige zondag, dus hoogste tijd om onze wandelschoenen weer eens uit te proberen! Al vroeg zaten we in de auto op weg naar het plateau, het gebied rondom de Mont Mézenc.

De wandeltocht leidde ons langs ‘le Lac de Saint-Front’, een meer even voorbij het dorpje met dezelfde naam.

Aan de andere kant van het meer doken we het bos in waar we op een gegeven moment wat mensen tegenkwamen die bijna met hun neus op de grond iets aan het zoeken waren. Ze waren gelukkig niets verloren maar het ging hen om de myrtilles, de blauwe bosbessen die daar in grote getale uitnodigend aan de kleine groene struikjes hingen.

Wat doe je dan; je gaat zelf ook door de knieën om even later met blauw verkleurde vingers en lippen weer rechtop te gaan staan. De bosbessen zijn weer lekker dit jaar, hoor!

Een stukje verder kwamen we deze man tegen met z’n teiltje bosbessen. Z’n zorgzame dochter kwam even later aangezet met zo’n inklapbare driepootkruk waar haar vader om de zoveel tijd even op kon uitrusten. Een foto waard!

Na genoeg bosbessen te hebben gegeten, gingen we weer verder. Dat het afgelopen tijd flink nat is geweest, was goed te merken aan dit modderpad.

Een wandelaar kwam ons tegemoet en waarschuwde dat het eigenlijk geen doen was om dat pad te gebruiken. In ieder geval niet als je een beetje aan je schoenen gehecht bent. Hij wees naar die van hemzelf: meer modder dan schoen! Een gewaarschuwd mens telt voor twee dus hebben we dat modderpad links laten liggen en zijn we via slinkse omweggetjes keurig zonder modderschoenen het bos weer uitgekomen.

Volgens de routebeschrijving zouden we nu ergens een bordje moeten tegenkomen dat ons naar les Roches zou leiden, een oude vulkaan in de vorm van een rotsachtige ‘molshoop’ van zwartgrijzig basaltsteen waar je, als je eenmaal op de top staat, een mooi uitzicht hebt op de andere molshopen in dit gebied. Na een tijdje te hebben doorgestapt zonder dat bordje te zijn tegengekomen, begonnen we ons toch af te vragen of we misschien iets hadden gemist. We hadden allang bij die molshoop moeten zijn of nog beter, we hadden er onderhand al bovenop moeten staan! Toch ergens een aanwijzing gemist en dat moet haast wel gebeurd zijn toen we in dat modderbos die alternatieve route hebben gevolgd! Zin om dat hele stuk weer terug te moeten lopen en weer dat modderbos in te gaan hadden we niet, dus zijn we maar doorgewandeld. We hebben gewoon maar onze eigen draai aan de tocht gegeven en kwamen gelukkig nog meer dan genoeg mooie plekken tegen.

Zo van onze officiële route afgeweken, kwamen we voorbij een klein galerietje ergens in ‘the middle of nowhere’ waar een expositie was van mooie bronzen beelden. Helaas niet open op deze zondag maar we hebben het adres in ieder geval genoteerd en we gaan daar vast nog wel een keertje naar terug.

Even later kwamen twee mensen te paard ons tegemoet. Ons ruiterhart gaat dan toch altijd wel iets sneller kloppen. Om op de rug van een paard dit uitgestrekte gebied te doorkruisen…..…..Nu ja, misschien ooit nog wel eens een keer. Toen we vriendelijk ‘bonjour’ zeiden bij het passeren van de ruiters, kregen we direct in onvervalst Nederlands de opmerking dat we vast geen Fransen waren. Op een of andere manier schijnen we dat ‘bonjour’ toch iets anders uit te spreken dan de Fransen dat doen. We moeten daar toch nog maar eens beter op gaan oefenen. Ach, het leverde in ieder geval een leuk gesprek op.

Bijna terug bij af, liepen we langs een weiland waar deze koeien zich lieten bewonderen.

Ruim een kwartier eerder hadden we al geklingel gehoord en hoe dichter we bij deze koeien kwamen hoe luider dit werd. Alle volwassen koeien hadden bellen om hun nek hangen. De ene bel was nog groter dan de andere, waardoor dus ook iedere klingel anders klonk. Het geluid van al die bellen bij elkaar gaf je bijna het idee alsof iemand op een of ander carillon aan het spelen was.

Je zou toch als koe dag in, dag uit met zo’n klingelende bel onder je kin moeten lopen!

Terug in Saint-Front hebben we op een terrasje, met uitzicht op deze Romaanse kerk uit de twaalfde eeuw, een welverdiende dubbele koffie gedronken.

Deze zondag was trouwens de laatste dag dat we nog lekker op dat terrasje konden neerstrijken zonder dat we onze ‘pass sanitaire’ moesten laten zien. Wat dat betreft mag ik er nog wel goed aan gaan denken om voortaan m’n IPhone maar in m’n rugzak te stoppen waar zo’n QR code op staat, waarop te zien is dat je gevaccineerd bent. Ben heel benieuwd hoe dit straks in de praktijk allemaal zal uitpakken!