Na een gezellig bezoek bij vrienden in Cunel, vertrokken we de volgende ochtend vanuit een witte wereld: sneeuw! Glibberend over de smalle weggetjes reden we weg. De witte sneeuw ging langzaam over in natte sneeuw om uiteindelijk gewoon in regen te veranderen. Regen die de rest van de dag regelmatig met bakken uit de hemel kwam zetten. Niet echt een leuk vooruitzicht om dan een plaatsje te gaan bezoeken, zoals we van plan waren.

Langres is, net als Metz, Nancy, Dijon, Beaune en Lyon, zo’n plaats waar we altijd voorbij racen. Eigenlijk willen we altijd zo snel mogelijk op onze berg arriveren en gunnen we ons geen tussenstop. Langzaam maar zeker proberen we dat om te buigen naar een overnachting halverwege. Is het niet een hotelletje op de heenweg dan wel eentje op de terugreis. Lyon en Beaune hebben we al een keer bezocht en nu hebben we dus Langres met een bezoek vereerd. Ondanks de regen en de soms stormachtige wind hebben we toch nog een wandeling over de vestingmuur gemaakt. En wetend dat na afloop van die natte tocht een sfeervol oud hotelletje middenin Langres op ons stond te wachten, maakte gewoon alles weer goed. Een aanrader trouwens, die wandeling over de stadsmuur maar dan zou ik er wel een droge dag voor uitzoeken en het liefst ook nog met wat zon erbij!

Een paar wat sombere foto’s om toch nog een indruk te krijgen van ons bezoek aan Langres.

Hotel de la Poste. Voor het hotel staat een boom waarin iemand helemaal los is gegaan met het bouwen van houten vogelhuisjes. Ik geloof dat er wel zo’n vijftig van die dingen in hangen. En nu maar wachten of er vogeltjes in gaan zitten!

Om met je auto door de kleine en steile straatjes naar de oude bovenstad te moeten rijden, is niet echt een feest. De auto laten staan op dit gratis parkeerterrein onderaan de stadsmuur is dan een prima alternatief. Wil je niet met de trap omhoog, dan kun je deze wat futuristisch ogende funiculaire gebruiken. Deze glazen liftbak brengt je in een vloek en een zucht naar boven.

Onderweg tijdens de wandeling over de stadsmuur kom je dit oude treintje op een stuk spoorbaan tegen. Hij staat er nu gewoon voor de sier maar laat eigenlijk een stukje geschiedenis zien. In 1887 werd hier namelijk de eerste tandradbaan van Frankrijk in gebruik genomen. Via deze tandradbaan ‘le chemin de fer à crémaillère de Langres’ klom ooit een stoomlocomotief, met twee of drie wagons achter zich aan, vanuit het station beneden Langres omhoog naar de oude bovenstad.

Deze oude ansichtkaart kwamen we tegen in een brocante winkeltje. Het geeft een mooi beeld van hoe hier vroeger het treintje reed.

Vanaf de stadsmuur zie je nog net een stuk van het dak van de Cathédrale Saint-Mammès met die mooie gekleurde en geglazuurde dakpannetjes die je in deze streek wel meer ziet.

Nog een stukje dak van de Cathédrale.

Altijd lastig trouwens om zoiets op de foto te zetten. Of het dak loopt scheef òf de toren. Nu ja, in het echt staat de boel wel recht!