Gisteren zijn we vanuit ons groene dal via een slingerende weg omhoog naar de Col d’Izoard gereden, zo’n 10 kilometer verderop. Bij menig Tour de France liefhebber zal het hart sneller gaan kloppen bij het horen van deze naam. Ik krijg er alleen maar hartkloppingen van als ik boven op de col sta! Wat een hoogte en wat een woestijnlandschap! Het gebied wordt niet voor niets de Casse Déserte genoemd. Enorme grijze puinhellingen waarin grote geelbruine rotspartijen doorheen steken. Af en toe zie je er nog een zielige dennenboom tussen staan. Maar eerlijk is eerlijk: het is een zeer indrukwekkend landschap. Zo kan de Queyras er dus ook uitzien.Col d’Izoard, 2360 meter hoog, een soort bedevaartplaats voor alle wielrenners.Je kunt er niet omheen: 20 juli komt de tour hier langs. Alles staat al in het teken van de Tour de France.Net voorbij het hoogste punt zit een auberge, genaamd Refuge Napoleon. Dacht ik eerst dat het om een schuilplaats ging waar Napoleon Bonaparte zich had verschanst toen hij vanaf Elba optrok richting Grenoble, blijkt dat hij er niets mee te maken heeft gehad. De Refuge is van later tijd en stamt uit de tijd van Napoleon de Derde. Er zijn in de tijd dat hij keizer was zes van dit soort schuiloorden in de Alpen gebouwd met het doel om mensen op te vangen die verrast werden door een storm of een lawine. Er werden er slechts 4 bewaard, waaronder de Refuge du Col d’Izoard, de hoogst gelegen van de zes. Nu is de Refuge in gebruik als auberge en kun je er slapen, eten en heerlijk op het terras genieten van zowel het uitzicht als, in ons geval, van de koffie met frambozentaart.

Advertenties